Hij moet eruit!

zwarte pietPiet moet blijven, en wel zwart. Dat zegt de een. Piet moet weg, en ook geen witte. Dat zegt de ander. De rest roept ook wat. Verwarrend. Dat zeg ik. Ach, wat kan het me schelen. Ik ben toch geen kind meer.

Wacht. Jawel. Het kan me wel schelen. Hij moet weg. Dat zeg ik. Eigenlijk. Eindelijk. Nu. Opeens. Het komt boven. Plots. Het moet eruit. Hij moet eruit!

1987. Met drie zwarte vegen op m’n gezicht zit ik in de kring. De kring is gevuld. Oh, wat was hij gevuld. Het lokaal dat tot gisteren vertrouwd was, is een kijkdoos met volstrekt onberekenbare gezichten. Doodeng. Rond elk paar ogen een gevlekt of zwart aanzien. De deur is al dicht. Nog een plaats vrij in de kring. Naast mij. Nee. De deur gaat open…

Er ketst een pepernoot op m’n hoofd. Ik schrik. Ik kijk op. Een zwarte kerel kijkt me aan en lacht. Waarom eigenlijk? Dat was helemaal niet zo leuk. Hij lacht nog steeds en voegt er een dansje aan toe. Waarom eigenlijk? Ik hou helemaal niet van dansen. Sinterklaas is er ook. Waarom eigenlijk? Ik had gisteren niets in mijn schoen en anderen wel. Ik begin te huilen. Waarom eigenlijk? De dansende pepernoot is naast me gaan zitten. Ik wil het niet. Waarom eigenlijk? Ik ben bang. Doodsbang. Ik wil het niet. Ik wil hem niet. Weg jij. Smeerkees. Ik zit hier altijd. Jij zit hier nooit. Toch ken ik hier vandaag niemand en lijk jij wel thuis. Ik wil naar huis. Ik wil weg. Nee. Rot op. Hij moet weg. Hij moet eruit!

Deel met:

1 reactie

  1. marjanne van wijngaarden

    Ach toch, had de juf dat destijds maar begrepen ….

Reageer: